De gelukzalige werknemer

De uitverkorene die het voor elkaar krijgt om een mooi rond getal als tien, twintig, vijfentwintig, veertig of zelfs vijftig jaar binnen hetzelfde bedrijf te werken, wordt door zijn of haar leidinggevende tijdens een behoorlijk beschamende ingelaste speech die uit een ononderbroken stuk woordbraaksel lijkt te bestaan tijdens de middaglunch met superlatieven overstelpt, terwijl een van de miepen van de receptie klaar staat met een buitengewoon uitbundige bos bloemen, die door de jubilaris wordt aangenomen tijdens zijn dankwoord waarin hij of zij met iedereen oogcontact tracht te maken als teken van dank voor de één of twee euro die iedereen heeft bijgelegd aan ‘deze mooie bos bloemen die thuis een aardig plekje krijgen zal, waarschijnlijk bij het raam want dan kunnen ze er buiten ook van genieten’ (natuurlijk heeft iedereen moeten bijleggen, want budgetten of ‘potjes’ voor dit soort zaken die zijn er als vanzelfsprekend niet, er wordt hier potverdorie zelfs al beknibbeld op de melk in de koffie, de motor van dit bedrijf) en nadat de jubelende jubilaris dit korte en eigenlijk ook niet zeer krachtige woord van dank heeft uitgesproken, onhandig met de bloemen in de handen, moet die bos natuurlijk weer terug in de emmer – want de hele middag zo blijven staan met het veldboeket in de klauwen, dat kan natuurlijk ook niet – en dus is daar weer Chantal of Clara of Mirjam van de receptie met de emmer en na wat gênant geklooi zitten de bloemen weer veilig in de emmer, waar ze thuishoren.

De middagpauze is voorbij. De rest van de dag knijpen zo her en der nog even collega’s bemoedigend in de schouder van de gelukzalige (‘zo knap van jou’) en dan zit het er weer op, het dienstjubileum. Op naar de volgende tien jaar.

Meer lezen? www.toonroumen.nl

Comments are closed.