Op het wereldberoemde schilderij De volharding der herinnering van Salvador Dalí is een landschap te zien waarin vier klokken middels een smeltproces bezig zijn het tijdelijke met het eeuwige te verwisselen. Een uitgebreide beschrijving van de vermoedelijke bedoeling van de Spaanse surrealist kan ik mij wegens een keiharde bovengrens van vierhonderd woorden per blog niet veroorloven, maar een aardige opening voor dit stuk biedt het doek wel.

Veel meer dan welke beroepsgroep dan ook koesteren kantoorklerken namelijk een gegronde haat jegens klokken. Het zijn pretentieuze prullaria die het werken tijdens het laatste gedeelte van de dag structureel onmogelijk maken – en het kan alleen maar aangemoedigd worden dat zij smelten, dat zij overgaan in het Niets. Wanneer de kleine wijzer de vier nadert, daalt de motivatie op kantoor immers zienderogen, en dat is een proces dat buitengewoon aanstekelijk werkt. Wanneer één iemand – meestal de oudste of juist de jongste – besluit om ‘even een extra koffiepauze in te lassen’ is het gedaan met de productiviteit, dan zwaaien alle keurige mannen en vrouwen in pak met hun handjes naar de bergen werk die nog verzet hadden moeten worden en gaan de gespreksonderwerpen van serieuze financiële sores naar klaagzangen op luilakkende echtgenoten en kwellende koters thuis. En de dag erna dan de handen in het haar van spijt, want nu moet er werk mee naar huis genomen worden. Dat vinden de luilakkende echtgenoten en kwellende koters doorgaans niet bijzonder aangenaam, waardoor reeds veel gezinnen door echtscheidingen werden verscheurd en veel kinderen op koude winternachten door radeloze ouders te vondeling werden gelegd. De kindertjes die dat laatste overleefden, groeiden op in liefdeloze pleeggezinnen met een alcoholistische vader en een op andere vreselijke wijze aan de realiteit ontsnappende moeder. En och, om nog maar te zwijgen van de broers en zussen van dat gezin, allemaal personages van wie we vandaag alleen maar de voornaam kennen omdat hun achternamen tot één hoofdletter zijn teruggebracht. En dat allemaal, al die miserie, is te danken aan de gruwelijkheid van de klok, met z’n ellendig wrede wijzers. Nee, dat Dalí die klokken deed smelten, is zo gek nog niet.  Het had me niet verbaasd als ook hij in zijn diepste wezen een kantoorbediende was.

 

Comments are closed.